vlag-nederlands.png vlag-engels.png vlag-duits.png

Zelfvoorzieningsgraad

Nederland verbruikt jaarlijks in totaal circa 15 miljoen m³ rondhout (equivalenten), waarvan 0,9 miljoen m³ tropisch hout. De eigen productie bedraagt slecht 0,9 miljoen m³. Het overgrote deel wordt geïmporteerd 19,7 miljoen m³, waarvan 6 miljoen m³ direct weer wordt geëxporteerd. Uitgesplitst naar de belangrijkste toepassingen, wordt 49% van al dit hout gebruikt voor de productie van papier en karton, 30% voor gezaagd hout, 15% voor diverse plaatmaterialen en 6% voor overige houtproducten.

In het Nederlandse bos staat een houtvoorraad van ruim 58 miljoen m³. Gemiddeld per ha staat er nu 198 m³ hout. De totale bijgroei bedraagt 2,2 miljoen m³ per jaar en neemt nauwelijks meer toe (gemiddeld 8 m³ /ha/jaar). Van deze bijgroei wordt momenteel 65% geoogst, een deel (10%) wordt aan het dode hout toegevoegd, terwijl de rest (25%) naar de staande houtvoorraad gaat. Het oogstpercentage ligt voor naaldhout (85%) aanzienlijk hoger dan voor loofhout (41%). Een verhoging van de oogst van 65% naar 75% van de bijgroei zou een extra oogstvolume opleveren van 223.000 m³ . Afhankelijk van wie de eigenaar is van het bos, zijn er natuurlijk verschillen: het particuliere bos heeft een andere samenstelling en een andere doelstelling dan bijvoorbeeld het bos van Staatsbosbeheer. SBB heeft relatief jong bos. De houtvoorraad in hun bossen neemt daarom veel sneller toe dan in de meeste bossen in particulier bezit.

De zelfvoorzieninggraad van hout bedraagt iets minder dan 10%. Dat betekent dus dat wij afhankelijk zijn van andere landen voor onze houtbehoefte. Door ons beheer iets meer te richten op houtproductie, beter te letten op de houtkwaliteit en de soorten zou Nederland misschien wel 20% zelfvoorzienend kunnen zijn, zonder dat onze bossen daar ‘houtakkers’ van worden. Met het aanplanten van extra bos zou dit natuurlijk nog hoger kunnen.


Interessant? Delen!