vlag-nederlands.png vlag-engels.png vlag-duits.png

Bos


Bos bestaat uit meerdere bomen bij elkaar en de onderbegroeiing in de vorm van een struik- en/of kruidlaag.

Bos kent vele verschijningsvormen en daardoor ook vele definities, voornamelijk verschillend wat betreft de grootte van een aangesloten oppervlak bomen voordat iets bos genoemd mag worden. Andere verschillen kunnen liggen op de hoogte van bomen, de toegestane open plekken, etc.

Nederland heeft in vergelijking met andere Europese landen, weinig bos. Zo’n 10% van het landoppervlak, oftewel circa 360.000ha is bebost. 

Het Nederlandse bos is in bezit van diverse eigenaren; 34% is in handen van particulieren en 25% SBB, 16% is in handen van natuurbeschermingsorganisaties zoals Natuurmonumenten en de 12 Landschappen. 

Bosbezitters zijn meestel geen grootgrondbezitters. Dat is zo in Nederland, maar ook in andere Europese landen. Zo bezit de gemiddelde Finse boseigenaar niet meer dan 30 ha. bos. (Daar zijn 440.000 eigenaren met een bosbezit van 1 ha. of meer) In Duitsland heeft maar 3% van het aantal bosbedrijven een oppervlakte van meer dan 50 ha. Het Nederlandse particuliere bosbezit is niet echt anders:


grafiekbos.gif


boomsoorten.gif

Nederland verandert – het bos verandert mee. Was rond 1900 ongeveer 4 % van het landoppervlak bebost, nu is dat 10%. Ook het bos zelf is veranderd van monocultuur naar bos met een gedifferentieerde boomsoortensamenstelling en veelzijdige functievervulling. 

Een ander gevolg van verandering in de boomsoortensamenstelling van het Nederlandse bos is dat er de afgelopen jaren steeds minder is gekozen voor oogstbare soorten. Uiteraard is elke boom en elk hout oogstbaar, maar niet alle houtsoorten kennen evenveel toepassingen. Elke boom/houtsoort heeft namelijk specifieke eigenschappen. Boomsoorten die zich dus minder goed lenen voor de houtoogst, zullen voor minder opbrengsten voor de boseigenaar zorgen, die zich daarmee lelijk in de vingers kan snijden, helemaal nu niet altijd meer teruggevallen kan worden op subsidies voor het bosbeheer. In de grafiek hiernaast is de boomsoortensamenstelling van het Nederlandse bos te zien.

Door veranderingen in ons gebruik en onze waardering van bos, is ook ons bosbeheer veranderd. Het huidige beheer richt zich minder op houtproductieve soorten, maar meer op inheemse (loof)boomsoorten. Als gevolg van dit beheer zal op den duur het aandeel naaldhout dalen en het aandeel loofhout stijgen. Omvormingen van naald- naar gemengd of loofbos worden vaak gedaan met oog op biodiversiteit. Echter ook naaldbossen herberge bijzondere soorten die alleen in naaldbossen voorkomen. Wanneer er dus gekozen wordt voor het ene bostype met bepaalde biodiversiteit, gaat dat ten koste van andere biodiversiteit. Deze keuze is aan de beheerder of de eigenaar.

 

 

 
 
 

Interessant? Delen!